Hoe je als voormalig decorbouwer je helemaal voelt thuiskomen in de principes van permacultuur en je leven zo een bocht van 180° neemt? Dat kan Babbe Hengeveld van Oergroen je met heel veel plezier uitleggen. Als overgang tussen die 2 uitersten runde ze het restaurant Foodguerilla in Breda waar ze kookte met voedingsmiddelen gered van de verspilling. Het bouwen van het restaurant vond ze geweldig om te doen, maar het runnen van een horecazaak was niet helemaal haar ding. Dus besloot ze in 2016 een perceel van 1 hectare om te vormen tot een voedselbos in Chaam (Noord-Brabant).
Al van kinds af aan voelde Babbe zich meer thuis buiten dan binnen. Toen ze enkele jaren geleden een permacultuur-opleiding volgde, had ze het gevoel "dat al hetgeen ik mijn hele leven al onbewust wist, nu eindelijk ook een naam kreeg." Het inspireerde haar destijds om in 8 maanden tijd een eigen restaurant te bouwen met gerecycleerde materialen waar ze kookte met biologische producten die gered werden van verspilling.
Na enkele cursussen tot voedselboswachter besloot ze een volgende sprong in het diepe te nemen om een eigen voedselbos te starten. Naast educatie speelt voor Babbe vooral het sociale aspect hier een belangrijke rol in. Inspiratie daarvoor vond ze in het boek "Permacultuur in je persoonlijke en sociale leven" van Looby Macnamara. "Ik werk hier 1 dag in de week met jongeren tussen de 12 en de 18 jaar die meestal nergens meer terecht kunnen. Zo'n andere setting en een andere benadering kunnen soms wonderen doen. Buiten zijn op een plek als dit is zo helend voor ze".
"Eigenlijk heb ik nooit werk gedaan waar ik oprecht gelukkig van werd, en dat doe ik nu wel met Oergroen." Je kan bij haar terecht voor advies, ontwerp en aanleg van eetbaar landschap, biodiversiteit en natuurinclusieve landbouw. Naast rondleidingen en cursussen in het voedselbos startte ze sinds begin 2021 haar eigen kwekerij, aangezien het plantgoed voor haar klanten nergens te verkrijgen viel. Volgend project op die kwekerij wordt een Bed & Breakfast waarbij je ondergedompeld wordt in de wondere wereld van eetbare landschappen.
Haar missie is eerder om de kennis te verspreiden rond voedselbossen en agroforestry dan het verspreiden van oogst. Babbe zou het liefst gewoon graag iedere vierkante meter in de wereld vergroenen. Ervaring heeft haar geleerd om daarbij een positief verhaal te brengen, in plaats van een belerende idealistische boodschap ("in die val ben ik vroeger iets te vaak getrapt"). Zo vertelt ze tijdens de rondleidingen graag alle stommiteiten die haar geld hebben gekost en toont ze zich graag als iemand die fouten maakt. Leuk weetje: voor rondleidingen vraagt ze geen vaste prijs, maar "een bijdrage naar eigen inzicht en eigen draagkracht". Het typeert haar als iemand met een heel realistische kijk op de zaken, maar iemand die graag dingen doet die andere mensen misschien een tikkeltje te spannend vinden.
Aan de noordelijke ingang kom je binnen langs een gezelschap van enkele oude hazelaars, vlier en Japanse wijnbes "dat hier echt groeit zoals onkruid". Iets verderop staan er geflankeerd door een lindehaag allemaal nieuw aangeplante oude fruitrassen - "met veel liefde uitgekozen door Monique van Op goede grond" - waaronder Babbe in een volgende fase gildes wilt aanplanten. Eerst koos ze de planten voor die gildes helemaal volgens het boekje, maar de voorbije 5 jaar is ze "verbonden geraakt aan de plek" en vertrouwt ze meer op haar instinct. Zo leerde ze stilaan alle opgedane kennis te combineren met haar buikgevoel.
Centraal staat er een gezellig bosje 30 jaar oude walnoten met daaronder een open grasterrein dat de nodige beweegruimte biedt voor de lunches en yogalessen die er plaats vinden. Verderop wandel je langs de jostabessen en look zonder look tot bij een champignonnenkwekerij waarvoor Babbe zich laat begeleiden door 'schimmelexpert' Jip Leermakers.
Naast de bosrand op het zuiden was het oorspronkelijk grasland en dat heeft ze maar liefst een halve meter verhoogd met aangevoerde bosgrond. Er werd een struweel aangeplant met hazelaars, zwarte els, beuk, olijfwilg, kornoelje en vlier. De reeds bestaande bosrand werd uitgebreid met veel oude fruitrassen, amandel en walnoten. Afgelopen winter heeft ze hier de struik- en kruidlaag aangeplant met oa. blauwe bes, zwarte bes, krentenboompje, limonadeplant, rabarber en mierikswortel. Daarbij strijdt Babbe wel voortdurend met bramen, waarbij ze stevig aan het maaien is om ze uit te putten en af te dekken met karton waarna ze mulcht met hakselhout. Arbeidsintensief, maar het loont wel.
In de lente van 2020 heeft ze een grote vijver laten uitgraven, waar ze verder bewust nog niets mee heeft gedaan. Ze vond het in de eerste plaats heel leuk om te zien wat er vanzelf zou gebeuren en heeft hier en daar wat wilde bloemen ingezaaid. Voor de effectieve aanplant van waterplanten zoekt ze nog iemand die haar verder kan adviseren.
Om haar fruitbomen in het zuidwesten te beschermen tegen de gierende wind, heeft ze - tegen het advies van velen in - ze toch maar een steunpaal gegeven. Zelf relativeert ze de "alwetendheid van sommigen over voedselbossen", want zo heeft ze vaak al tegenstrijdige adviezen gehoord tijdens de cursussen die ze heeft gevolgd bij Taco Blom en Wouter Van Eck. "Je zou het gerust kunnen vergelijken met de opvoeding van 4 kinderen, die allemaal een eigen aanpak vragen. Er bestaat niet zoiets als een uniform handboek om kinderen op te voeden", vult ze lachend aan.
Als Babbe 1 ding heeft geleerd, is het wel om de tijd te nemen om de natuur te observeren. Zo heeft ze in de bestaande bosrand al tientallen kastanjes geplant die de komende jaren nog de tijd krijgen om in een beschutte omgeving op te groeien. "Het heeft echt zin om dingen met rust te laten zodat het systeem zich verder kan ontwikkelen. Onlangs trof ik hier zo in een stuk waar ik weinig kom (zone 5) een slaapplaats aan van een ree. Ik probeer ook altijd pas ruimte te maken voor nieuwe planten op het moment dat ik echt iets anders in de plaats wil." Een voortdurende wisselwerking tussen natuur en onderhoud.
© 2026 Eten uit het bos